Elektropraktijk 3 - 2025

23 #3 juni 2025 r t i k e l n a a m ‘spaarstand’. De meeste servers staan namelijk standaard op standje ‘high performance’. Maar een server die geen taak uitvoert – ook al is dat maar een seconde – gebruikt dan bijna net zoveel energie als een server die volop aan het werk is. De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied, die voor de handhaving van milieuregels in de regio Amsterdam verantwoordelijk is, gaat daar straks op toezien. “Want door alle servers zuiniger in te stellen, kan zo'n 10 procent aan stroomverbruik worden uitgespaard.” Druk op de ketel Dat datacenters een grote vlucht nemen, is al even aangestipt. De verwachting is, dat door AI en bitcoin-mining het stroomverbruik binnen enkele jaren gemakkelijk kan verdubbelen. Jansen: “Maar het heeft ook te maken met wat er in de wereld aan de hand is. Denk bijvoorbeeld aan het juridisch/geopolitieke aspect, heel actueel nu: overheden en bedrijven vinden het steeds belangrijker dat hun data binnen Europa blijft. En dat trekt dan weer extra klanten naar Nederland.” Voor de Nederlandse installatiebranche levert dat prachtige kansen op. Maar tegelijkertijd stelt die dataexplosie ze voor een probleem: waar haal je de installatiehandjes vandaan? En als je ze niet vindt, zet je dan de deur niet open voor buitenlandse installatiemultinationals die kansen ruiken? Jansen ziet dat gevaar. “Zelf nemen we noodgedwongen bijna geen klussen meer aan – om onze jongens niet over de kling te jagen én om aan bestaande klanten kwaliteit te kunnen leveren.” Intussen doet Hamer er alles aan om personeel te vinden. Samenwerking met scholen, open dagen, traineeships, zij-instromers opleiden, verzin het maar. “De klanten komen eraan”, benadrukt Jansen. “Als je een echte elektricien bent, of een goeie ACV-monteur of lasser, dan zorgen wij dat je in een datacenter aan de gang kunt. Je zit dan niet in de modder te werken, maar in een mooie, schone hal.” Er is ook een alternatieve aanpak: met hetzelfde aantal mensen werken, maar de doorlooptijd verkorten. Dat kan met prefab. Terwijl de fundering van een DC wordt gelegd, kunnen elders de elektrotechnische installaties alvast gemaakt worden, in modules. “70 Procent schat ik, wordt in Apeldoorn helemaal voorbereid. Het hoeft dan op locatie alleen nog maar afgebouwd te worden,” vertelt Jansen. “Denk aan complete schakelkasten of leidingelementen. Zo bouwen we installatiemodules van wel 14 meter lengte, die dan per vrachtwagen naar de locatie gaan.” Datacenters zijn geen standaardprojecten, die conclusie mag wel getrokken worden. Het zijn geavanceerde installaties, die ook nog eens maatschappelijke impact hebben. “Je bouwt iets wat telt – een vitale voorziening waar de hele samenleving op draait.” Maar de gemiddelde Nederlander heeft geen idee. Jansen zelf des te meer: “Laatst zat ik rustig TV te kijken en ja hoor, een pinstoring ergens. Nou, wat ik dan ‘automatisch’ doe is: gauw checken of wij daar ergens aan het werk zijn. Ook ik sta dus eigenlijk de hele tijd ‘aan’. Ja inderdaad, net zoals als een datacenter.” x Datazaal met racks, ladderbanen en voedingskabels. Een datacenter mag er van buiten uitzien als een simpele blokkendoos, van binnen huisvest het hoogwaardige, state-of-the-art installaties. “Er wordt geen kabeltje gelegd zonder plan vooraf.”

RkJQdWJsaXNoZXIy NTI5MDA=